about my work

from the introduction to my book

'Which I think the best myself'

 

It is not easy to decide which you think your best artworks yourself. Although used to critical consideration - inextricably bound up with making art - objectiveness is

affected by complicating factors. Inherent is the emotional relationship with individual works, determined by different elements, e.g. the relation with the depicted subject, or the possible key position of a work, or the experienced satisfaction in material and technical sense. All of these completed with knowledge from art history and

considered works from other artists.

 

The world I depict, is small. My subjects are often found close at hand and depicted on own observations. The artworks are also literally small, except from some sizes up to two metres the most are half of it, often smaller.

Stylistically I am more draughtsman than painter, while painting is defined by drawing.

Although realistic in character, each work of art shows a certain freedom of handling and seeming unfinishedness:

I strive for visibility of the maker’s hand and the nature of the material used. Therefore my preference for watercolour painting. Next to it I like clear design and the mastering of material and technique.

 

Most of my works came into being in the shadow of a long and intensive career in [art]education (notice my cv).

This prevented an extensive production, still enough to choose from.

over mijn werk

uit de inleiding van mijn boek

'Wat ik zelf het beste vind'

 

Het is niet eenvoudig om zelf te bepalen wat je uit veertig jaar beeldend werk het beste vindt. Het is weliswaar een rol die elke kunstenaar vertrouwd zal zijn - het kritisch beschouwen is een onlosmakelijk onderdeel van het scheppingsproces - maar er zijn complicerende factoren die het objectiveren in toenemende mate kunnen beïnvloeden. Intrinsiek is er de emotionele binding die je met een individueel werk zult hebben, een binding die door verschillende elementen bepaald kan worden.

 

Bijvoorbeeld de relatie tot het afgebeelde onderwerp, of

de plaats die een werk kan hebben in je persoonlijke stijlgeschiedenis - het werk is dan een sleutel tot latere toepassingen -, of het plezier dat je in materiële en technische zin beleefd hebt tijdens het maken.

In de loop der jaren komen daar nog eens de opgedane kennis en kijkervaringen bij, vanuit kunsthistorische studie en museum- en galeriebezoek.

Je leert je eigen bescheiden plek goed kennen.

 

De door mij afgebeelde wereld is klein, de onderwerpen komen vaak uit mijn directe omgeving en zijn bijna zonder uitzondering op eigen waarneming gebaseerd.

De werken zijn ook letterlijk klein, behoudens een paar formaten tot twee meter beperken de meeste zich tot de helft daarvan en vaak minder.

In stilistisch opzicht ben ik meer tekenaar dan schilder en het schilderen wordt grotendeels door de tekening gedefinieerd.

 

Hoewel realistisch van karakter, kent elk werk een

meer of mindere mate van behandelingsvrijheid en een ogenschijnlijke ‘onaf’heid:

ik streef ernaar de hand van de maker en de aard van het gebruikte materiaal zichtbaar te houden. Mijn voorkeur voor de aquareltechniek hangt daarmee samen.

Daarnaast houd ik van een heldere vormgeving en de beheersing van materiaal en techniek.

 

Het meeste van het hier opgenomen werk is ontstaan in de

schaduw van een lange en intensieve loopbaan in het [kunst]onderwijs (zie mijn cv).

Dat heeft een omvangrijke productie in de weg gestaan.

Gelukkig bleek er nog genoeg te kiezen.